Rijk : Animalia (dierenrijk)
Stam : Chordata (gewervelden)
Klasse : Aves (vogels)
Orde : Psittaciformes (Papegaaiachtigen)
Familie : Psittacidae (Papegaaien)
Geslacht : Melopsittacus
De grasparkiet behoort tot de papegaaiachtigen en komt in het wild in grote zwermen in
Australië voor. Ruim 150 jaar geleden werd de grasparkiet in Europa ingevoerd.
De laatste jaren zijn er door ontsnappingen vogels gaan leven in onze natuur en niet alleen grasparkieten maar ook grote parkieten. Oorspronkelijk was de grasparkiet een groene vogel maar naar gelijkenis met de kanarie bestaan en tegenwoordig heel veel kleurslagen.
Het verschil tussen een mannetje en een vrouwtje is bij de grasparkieten gemakkelijk te
herkennen : het mannetje heeft een blauwe neusdop en het vrouwtje een roze tot licht beige
vleeskeur. Dit bij volwassen exemplaren. Tijdens de broedperiode verandert de kleur bij het
vrouwtje tot bruin. Zoals alle papegaaiachtigen hebben de grasparkieten twee tenen naar
voren en twee naar achteren gericht.
Het vrouwtje broedt en het mannetje helpt mee de jongen groot te brengen. Nà 18 dagen
komen de jongen uit het ei. Als de jongen 33 dagen oud zijn verlaten ze het nest en worden ze
nog enige tijd geholpen door het mannetje.